Wageningen University & Research (WUR) lanceert HortINspire. Dit internationaal netwerk moet telers, bedrijven, kennisinstellingen, overheden en investeerders wereldwijd bij elkaar brengen om kennis en praktijkervaring in bedekte teelten sneller te delen en toe te passen.
Het netwerk wordt volgende week, 10 juni, ten doop gehouden op de Greentech in Amsterdam RAI. Daar is drie dagen lang de wereld bijeen om de nieuwste ontwikkelingen op gebied van Controlled Environment Agriculture (CEA) te delen. De vormen van bedekte teelt die onder die afkorting vallen, staan internationaal in de belangstelling als de meest efficiënte en klimaatbestendige manier om plantaardig voedsel te produceren.
De kennis op dit gebied is wereldwijd volop in ontwikkeling, maar niet altijd makkelijk te vinden of overal direct toepasbaar, stelt Jacqueline van Oosten van WUR Glastuinbouw. „Wat in de ene regio goed werkt, moet elders vaak worden afgestemd op klimaat, beschikbare technologie, financiering, markt en lokale kennisbehoefte.”
Kennis bedekte teelt als verdienmodel
„Vanuit Wageningen University & Research brengen wij onze kennis in”, stelt Van Oosten. „Maar het netwerk is nadrukkelijk bedoeld als tweerichtingsverkeer. We willen kennis delen én leren van de ervaringen en oplossingen uit andere regio’s. Ook elders gebeuren heel interessante dingen.” Die insteek van open kennisuitwisseling is typisch voor hoe de Nederlandse glastuinbouw zich historisch heeft ontwikkeld tot de wereldmarktleider die de sector nu is. Het resultaat van die kennisuitwisseling is zich deze eeuw meer en meer tot een wereldwijd verdienmodel aan het ontwikkelen, voor individuele bedrijven én voor de gehele Nederlandse glastuinbouwketen.
Praktische ingang naar kennis en contacten
Het nieuwe Wageningse netwerk kan binnen die dynamiek gaan dienen als een nieuw uithangbord voor de Nederlandse expertise. „Expertise die voor een deel openbaar is. Veel van de kennis van WUR is al vrij toegankelijk. HortINspire moet een praktische ingang vormen voor alle leden over de hele wereld”, stelt Van Oosten. „Leden kunnen deelnemen aan regiospecifieke themasessies, online expertsessies en netwerkbijeenkomsten. Via het online ledenportaal kunnen zij vragen stellen, kennis delen en ervaringen uitwisselen.”
Het lidmaatschap staat open voor organisaties en professionals die betrokken zijn bij CEA: van telers en technologieontwikkelaars, tot kennisinstellingen, overheden en adviseurs. Die brede opzet is bewust gekozen. „Kennis over gecontroleerde teelt wordt pas waardevol als die wordt toegepast in de praktijk”, zegt Van Oosten. „Een teler brengt andere vragen in dan bijvoorbeeld een overheid of investeerder. Door die partijen bij elkaar te brengen, versterkt HortINspire de samenwerking rond gecontroleerde teelt.”
Verschillende tarieven per doelgroep
Daarbij passen ook de verschillende lidmaatschapstarieven per doelgroep. „We verwachten de grootste interesse bij buitenlandse telers en bij internationaal werkende toeleveranciers.” De Nederlandse toeleverende bedrijven zullen in dit netwerk dus een belangrijke rol spelen. Veel daarvan zijn al aangesloten bij de ook door WUR Bleiswijk gefaciliteerde Club van 100. Die zijn alvast automatisch lid geworden van HortINspire.
