Het langjarige onderzoek naar multiresistente tulpenrassen krijgt mede dankzij steun van het LTO Noord Innovatiefonds een vervolg. Het doel van het project is duidelijk: tulpenrassen ontwikkelen die bestand zijn tegen fusarium, tulpenbrekingsvirus (TBV) en botrytis.
Op die manier moeten telers minder afhankelijk worden van gewasbeschermingsmiddelen. Het samenwerkingsverband bestaat uit vijf kwekers en onder meer Wageningen University & Research (WUR). Veredelaar en bollenkweker Joris van der Velden van Econtulips begon 26 jaar geleden samen met veertien andere bedrijven de zoektocht naar resistente tulpen. „Enerzijds omdat spuiten duur is en allerlei risico’s met zich meebrengt voor de omgeving, maar ook omdat de middelen gewoon niet effectief genoeg zijn”, stelt de teler in gesprek met LTO Noord.
Een deel van de ondernemers is inmiddels afgehaakt, omdat niet iedereen de energie en financiële middelen had om het onderzoek voort te zetten. Mede daarom is Econtulips blij met de hernieuwde steun van LTO Noord.
DNA-merkers
De WUR ontwikkelt zogenoemde DNA-merkers, hier gaat een groot deel van de financiele middelen van LTO Noord naar toe. Hiermee kunnen onderzoekers al in een vroeg stadium vaststellen of een jonge zaailing waarschijnlijk resistent is tegen ziekten als fusarium. Dat gebeurt op basis van genetische eigenschappen in het DNA van de plant.
Momenteel moeten nieuwe tulpenrassen nog jarenlang worden getest. De nieuwe technologie moet ervoor zorgen dat onderzoekers sneller kansrijke zaailingen kunnen selecteren. „De combinatie van praktijktoetsen en DNA-technologie kan helpen om weerbaardere gewassen sneller beschikbaar te krijgen”, besluit Stoop.
Het onderzoek van Econtulips draagt bij aan de ontwikkeling van een tulpenpaspoort met daarin per ras objectieve gegevens over resistentie, broeigeschiktheid en andere teelteigenschappen. Dit is volgens Van der Velden belangrijk, omdat in de markt „nog te vaak rassen opduiken met mooie beloftes, terwijl ze in de praktijk tegenvallen. Met een tulpenpaspoort kun je beter het kaf van het koren scheiden.” Het project loopt voor onbepaalde tijd door, vertelt hij aan Greenity. „De bol kan altijd beter, op dit moment is het product nog niet volledig klaar voor de markt.”
Urgentie
Door de uitdagingen rondom de waterkwaliteit neemt de urgentie van het onderzoeksproject toe, denken de betrokken telers. „Iedereen wil nu het wiel uitvinden. Uit ons project blijkt dat dit gewoon heel veel tijd kost. Ik zou telers adviseren goed op te letten wat zij aanschaffen. Veel plantgoed blijkt toch niet zo virusarm te zijn als wordt gedacht”, vertelt één van de andere ontwikkelaars en kweker Kees Stoop.
Praktische maatregelen die uit het onderzoek naar voren komen, past Van der Velden nu al toe op zijn eigen bedrijf. Zo kiest hij ervoor de bollen niet meer te ontsmetten. Volgens de kweker zijn de tulpen daardoor juist beter bestand tegen bodemschimmels.

