In het overlegproces voor een Convenant Gewasbescherming hebben de plantaardige sectoren vorige week voorgesteld een ‘Autoriteit Gewasbescherming’ in het leven te roepen. De komst van deze onafhankelijke instantie zou er volgens hen toe moeten leiden dat de milieubelasting van gewasbeschermingsmiddelen stapsgewijs verder omlaaggaat en de ontwikkeling van weerbare teeltsystemen sneller verloopt. Het voorstel is positief ontvangen door de partijen aan de kerntafel.
De voorgestelde werkwijze draait om één gezamenlijke indicator voor het meten van de milieubelasting van gewasbeschermingsmiddelen: de Milieu-Indicator Gewasbescherming (MIG) en het vergelijken van de milieubelasting van middelen door telers en hun teeltadviseurs. De autoriteit verzamelt en analyseert gegevens, maakt prestaties inzichtelijke en ondersteunt telers en hun adviseurs bij het verder verbeteren van hun milieuprestaties. Aan de MIG wordt al jaren gewerkt; aan het eind van dit jaar wordt een eerste versie gelanceerd.
Continue leren en verbeteren
Met de komst van een Autoriteit Gewasbescherming moet een systeem ontstaan van continu leren en verbeteren. Het doel is om duurzame keuzes te stimuleren, kennisuitwisseling te versterken, milieubelasting stap voor stap verder terug te dringen en weerbare teeltsystemen verder te versnellen. Het voorstel voor een Autoriteit Gewasbescherming vereist nog verdere uitwerking, maar is positief ontvangen door de partijen aan de kerntafel.

In komend Vakblad voor de Bloemisterij dat 3 juli verschijnt, is een interview te lezen met André Hoogendijk, directeur BO Akkerbouw, over de Autoriteit Gewasbescherming. Daar doet hij onder meer uit de doeken hoe de autoriteit geïnspireerd is op de succesvolle aanpak van het verlagen van het anti-bioticagebruik in de veehouderij via de Autoriteit Diergeneesmiddelen.
