Hij loopt over zijn oude tuintje. Het is 1999. Klaas Moerman. Hij heeft er een heel pad liggen. Samen met zijn broer teelde hij tomaten op 16.000 m2. Ergens eind jaren 70 verkochten ze de boel aan een Rijnsburgse leliekweker. Die bleef vier jaar en daarna gingen er opnieuw tomaten in. En nu zitten er weer bloemenkwekers. Met matricaria! Hoe verzinnen ze het!
Wij kenden hem. Tenminste, vooral mijn ene broer. Die had die vier jaar met hem als collega lelies gekweekt. En hij vond het maar wat mooi om ons terug te zien. Dan stak hij de N209 over van zijn huis naar de kas om weer even te tuinen. Commentaar gevend op hoe het groeide. Bewonderend zei hij dan: ‘Wat een vacht staat erop!’ Hij bedoelde dat ze weelderig groeiden.
Ik moet er weer aan denken deze week. Want in december 1999 hadden we er net een jaartje op zitten op die oude tuin van Klaas. Op de radio werd al maanden reclame gemaakt voor een nieuw fenomeen: de Top 2000. Met welke platen wilden de luisteraars het nieuwe millennium in? Een eenmalige gebeurtenis zou het worden, want zoiets maak je maar één keer mee natuurlijk.
