We zijn met z’n zessen aan het oogsten. Vier man die op de knieën de kamille snijden en in bossen van vijf stuks op de oogstband leggen en vooraan twee medewerkers die vijf bossen bundelen, van een papieren hoes voorzien en in de emmer zetten. Het loopt gesmeerd. Als we weer twee bedden hebben gesneden roept mijn neef: ‘Wát een bloemen!’ Ja, ze zijn prachtig.
We zijn de hele tuin een keer rond geweest en inmiddels alweer halverwege het tweede rondje. Het is wennen, maar het went wel snel, zo zeggen we regelmatig. Neem de diepe vakken van 92 meter. Eerst kijk je er naar van ‘hoe kom ik aan het eind!’ maar al gauw weet je niet anders. Als we nu op onze andere locatie komen vinden we dat maar kleine vakken.
De oogstband, dat was wel een dingetje. Op een van de afgebroken locaties hadden we een nog vrij jonge oogster staan, in 2021 aangeschaft, die we op de nieuwe tuin wilden gaan gebruiken. De lengte van de oogstband was 44 meter en een verdubbeling zou geen probleem moeten zijn werd ons verzekerd. Ergens in de zomer van vorig jaar werd de oogster opgehaald en in maart weer teruggebracht. Er stond nu een lift op voor de achterwagen en de band zelf zou op locatie worden gemonteerd.
