We waren aan het knikkeren op de stoep voor de flat waar we woonden. Ik was aan de winnende hand. Mijn tegenstandertje telde een paar jaar jonger dan ik en hij kon niet zo goed tegen zijn verlies. Of speelde ik vals? Wat ik nog weet is dat hij na weer een verloren potje zijn knikkerzak met een klap op mijn hoofd terecht deed komen. Auw!
Het was niet het enige spel dat we speelden. Er werd natuurlijk gevoetbald bij het leven. Gestoeprand. Met oude dekens hutten gebouwd in het trappenhuis. ‘Mag ik er even langs jongens?’ ‘Voorzichtig, deze knijper los dan kan u naar beneden!’ En de bordspellen natuurlijk. Stratego. Aan de figuurtjes op de blauwe en rode torentjes te zien kwam dat nog uit de tijd van Napoleon. Dammen en schaken, al was dat best moeilijk. Barricade en Mens-erger-je-niet. Elkaar dwars zitten tot kunst verheffen. Nu weet ik, zo is het leven.
'Wat staat er nog meer op de
opdrachtkaart van Poetin?'
