Het is een heerlijk liedje van De Makkers. Uit het feit dat ik het ken blijkt al dat ik een bijna zestiger ben. Het komt uit een tijd dat de zomers nog jong en onbedorven waren. Natuurlijk, ook toen was het weleens warm en liepen mensen te puffen, maar vergeleken met nu voelde het toen als een beginnende lente. De zomer heeft zijn onschuld verloren.
Je ziet het als je het nieuws volgt. De bosbranden in Frankrijk en Spanje, waar is het einde? In Madrid juichten ze op 19 juli nog omdat ze terecht wereldkampioen voetbal waren geworden, maar een week later was de euforie een stuk minder. Voetbal boet flink aan belangrijkheid in als je huis en have dreigt te verliezen.
En dan Frankrijk. Zoveel evacuees. Zoveel hectare bos in rook opgegaan. Mensen op de vlucht voor de vlammenzee. Vakantiegangers die aan de veilige kant van een meer onder een parasol toekijken hoe de hemel oranje kleurt. De Tour de France die eindigt met een Nederlands tintje door de overwinning van Mathieu van der Poel, maar durf je nog blij te zijn als je weet dat honderden kilometers verderop brandweermannen vechten voor eigen en andermans leven?
