Het is een stralende dag in mei. Eind van de middag. We staan met een grote groep tuinders buiten te luisteren naar uitleg over hoe het verder moet met de warmte die onze glastuinbouwbedrijven afnemen. Eneco heeft het RoCa-project in de verkoop gezet en een van de mogelijke kopers trakteert alvast op een barbecue. Om in de stemming te komen.
Het is een grote uitdaging voor de glastuinbouw om van het gas af te gaan. Wat helpt is dat er onder de grond ook warmte zit die met slimme technieken omhoog gehaald kan worden. Er zijn in onze omgeving al een paar putten geslagen. Maar of dat ooit genoeg zal zijn om nul op de meter te krijgen? Ik heb er een hard hoofd in. Bovendien zijn de gasgestookte WKK’s die nu bij tuinders staan nog veel te hard nodig om uren met weinig wind en zon op te vangen. Het zal voorlopig nog wel wensdenken blijven.
Toch voelen alle collega’s de hete adem in de nek van het smaldeel dat het in Nederland niet snel genoeg vindt gaan met de transitie. Zeker de bloementelers onder hen. Je wilt het liefst kunnen geuren met een zo gunstig mogelijke footprint. ‘Kijk mij eens weinig fossiele energie gebruiken?’ En dan komt geothermie heel goed van pas. Nog wel een oplossing bedenken voor die stroom vretende warmtepompen, maar daar denken we nog even niet aan.
