HM Tesselaar Alstroemeria in Heerhugowaard was heel ver op weg naar een teelt zonder chemie, op basis van regeneratieve landbouw. Tot een nieuwe plaag van cicaden in de kas opdook, die niet op een biologische manier was te bestrijden. „Als dit ons over vijftien jaar was overkomen, als er misschien geen correctiemiddelen meer zijn, dan was het einde bedrijf geweest”, zegt René Leek, mede-eigenaar van het bedrijf.
„Voor mens en natuur is het het beste als we zo min mogelijk chemie gebruiken”, vindt Leek. „Dus we hebben ons verdiept in regeneratieve landbouw, en daar hebben we enkele elementen uit gepakt. Bijvoorbeeld, zodra de temperatuur na het stomen onder 40°C is gezakt, rijden we uitgerijpte houtcompost en wormencompost uit, zodat het bodemleven goed van start gaat. We hebben betere weggroei en geen uitval. Daarnaast gebruiken we steenmeel, zeewier, verenmeel, bloedmeel, en dekken we na het planten de grond af met een mulchlaag van bladcompost. We bemesten zo natuurlijk mogelijk om meer leven in het systeem te krijgen.”
„Drie jaar geleden waren we een flink eind op weg, we waren nog maar €8.000 aan chemische middelen kwijt op 10 ha teelt. Maar we kregen last van de kleine groene bladcicade, die we biologisch niet weg konden krijgen. De enige remedie was chemisch ingrijpen. Het biologische systeem stortte als een kaartenhuis ineen, en we kregen ook weer last van plagen die we onder controle hadden, zoals trips, wittevlieg en bladrollers. We waren terug bij af.”
