Op de bijeenkomst van het Keukenhof programma Ondernemers in de Lead, woensdagavond bij Keukenhof, werden de ervaringen gedeeld rondom het project ‘niet-chemische onkruidbeheersing in tulpen en lelies’. Na drie proefdemo’s en experimenten op velden in drie regio’s was de conclusie eensluidend, aldus projectleider Bart Jan Wulfse: „Er is veel perspectief.” Bovendien merkt hij dat het onderwerp zeer sterk leeft en telers erg betrokken zijn bij het ontwikkelen van oplossingen in onkruidbeheer. „Zoveel positieve energie is best uitzonderlijk”, gaf hij aan.
Wulfse praatte de aanwezigen bij over het project ‘niet-chemische onkruidbeheersing’. Het viel hem vooral op dat telers erg geïnteresseerd zijn. De drie demo’s georganiseerd met Fieldlab Bol, Praktijknetwerk Bloembollen Flevoland en De Drentse Lelie trokken dan ook rond de honderd bezoekers. De demo’s waren ook erg nuttig. „De filmpjes over de machines van YouTube zijn altijd geweldig. Maar telers willen met eigen ogen de zaken bekijken.” Op de demos’s waren totaal ruim twintig verschillende machines te zien.
Christoffel den Herder die helemaal thuis is in de onkruidbeheersing in de biologische groenteteelt, gaf aan dat voor een succesvol resultaat het vaak draait om een integrale strategie. „Een combinatie van technieken en keuzes in het bouwplan bepalen het succes. Het is niet één machine en daarmee red je het.” Bij tulpen geldt dat de winterperiode overbruggen de uitdaging is, want met nattigheid kan er niet gereden worden. Met een schone start is al de halve wereld al gewonnen. Het gaat dan om de juiste voorvrucht zoals klaver of een goed grond bedekkende groenbemester en zo laat mogelijk planten bij lage temperaturen.
