Alle schakels in de sierteeltketen gaan samenwerken tegen fytosanitaire risico’s door het vergroten van kennis, risicobewustzijn en handelingsperspectief rondom quarantaineorganismen (Q-organismen). De samenwerking komt tot uiting in een nieuw Kennis op Maat-project getiteld ’Een fytosanitair weerbare sierteeltketen’.
De Nederlandse sierteeltketen is internationaal sterk, maar juist daardoor ook kwetsbaar. Import- en exportstromen, klimaatverandering en toenemende handel vergroten de introductie en verspreiding van fytosanitaire dreigingen. In 2020 oordeelde Bureau Risicobeoordeling & onderzoek (BuRO) in haar analyse over de risico’s van quarantaineorganismen via de sierteeltketen dat de import van (uitgangsmateriaal van) snijbloemen en potplanten één van de belangrijkste introductieroutes is van (potentiële) quarantaineorganismen.
Exacte cijfers ontbreken, maar met enige regelmaat meldt de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) de vondst van nieuwe quarantaineorganismen bij de import van sierplanten. Afgelopen half maart was het weer raak: de vondsten van de tripssoorten Scirtotothrips doralis en Scirtotothrips aurantii op sierheesters uit Italië en een maand eerder op rozen uit India en solidago uit Kenia.
