De trend dat troschrysant wit moet zijn, zet zich door, hoewel de verhouding wit–kleurtjes niet bij elke teler en afzetmarkt hetzelfde is. De Nederlandse troschrysant is kwalitatief top, maar concurrentie uit het buitenland ligt op de loer.
Teler Rick van de Werken van River Flowers is tevreden over het afgelopen half jaar. „Ze lopen prima weg, de prijsvorming is goed.” De middenprijs is volgens Van de Werken hoog, omdat er veel meer betere soorten op de markt komen. „Vooral witte troschrysanten, maar er blijft ook nog genoeg vraag naar kleur, ligt eraan waar ze naartoe gaan. Bij mij is de verhouding 75% wit, 25% kleur.” Kjell Duijvestijn, inkoper bij FlowerForce vindt de troschrysant stervensduur. „In Oost-Europa accepteren ze de prijs, al is dat soms morrend. Het sortiment verschuift voor hen naar alleen wit, de verhouding is nu 97% om 3%, heel extreem. Ik betwijfel of dit goed is voor de productgroep, veredelaars zullen ook veel minder doorontwikkelen.” Teler Koen Kreling (Kreling Chrysanten) ziet dat anders. „Wij leveren vooral aan exporteurs die kopen voor West-Europa, bij ons is de verhouding 80% kleur, 20% wit. Daar vraagt onze markt naar.” Kreling levert vooral aan de retail en zegt goed te kunnen voldoen aan de groeiende vraag. „We doen waar we goed in zijn. Ook telen met ledverlichting hebben we nu onder de knie. Dat zien we terug in de kwaliteit.” Duijvestein noemt de Nederlandse troschrysant superieur, maar ziet ook een verschuiving naar handel uit landen als Kenia, Columbia en zelfs Kazachstan en China. „Het is nog niet inwisselbaar, maar op den duur kijkt men toch naar de kosten en de baten.” Inkoper Johan van Velden (Super Flora): „De kostprijs van de Nederlandse moet niet veel meer stijgen, anders is het lastig om hun aandeel voor retail groot te houden.”

