Het kabinet-Jetten heeft in het coalitieakkoord opgeschreven dat het werkt ’aan versterking van de uitvoeringskracht in de sector’. Daarom wordt een start gemaakt met het oprichten van een productschap 2.0. Dirk Duijzer, een van de laatste voorzitters van het Productschap Tuinbouw, is niet enthousiast over de herinvoering van de productschappen. „Dit komt niet terug, nooit!”
Dat de productschappen ruim een decennium geleden zijn opgeheven, is volstrekt logisch, vindt Dirk Duijzer, die van 2005 tot 2008 voorzitter was van het Productschap Tuinbouw (PT). „Het productschap begon zich te gedragen als een private onderneming, grote bedrijven vonden dat ze zelf het werk konden doen, boeren en tuinders ergerden zich aan heffingen waarvan ze niet wisten wat ermee gebeurde en bestuursrechtelijk haperde de regelgeving.”
Als voorzitter van het PT vond Duijzer dat het productschap zijn rol moest beperken tot medebewindstaken zoals de uitvoering van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. Hij trad af toen hij zijn bestuur niet meekreeg. „De grote industrieën haakten af en de politiek vond het lastig dat de productschappen zich als een soort medeoverheid gingen manifesteren. De grote bedrijven waren al lang afgehaakt, die zaten nog nauwelijks in de besturen van de productschappen.”
