De staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur hoeft voorlopig nog geen gegevens over de inzet van gewasbeschermingsmiddelen bij telers op te vragen en openbaar te maken. Hij mag daar in ieder geval de uitkomst van de bodemprocedure voor afwachten in het hoger beroep dat het ministerie heeft aangespannen tegen uitspraken van de rechtbank Noord-Nederland.
Deze uitspraak deed Raad van State afgelopen vrijdag, 13 maart.
De rechtbank Noord-Nederland droeg de staatssecretaris in januari op om alle gegevens over wanneer en waar er bestrijdingsmiddelen worden ingezet van telers te verzamelen en openbaar te maken. Het gaat immers om milieu-informatie. De Vereniging Meten=Weten en bewoners die naast een leliebollenveld wonen in Dwingeloo-Lhee drongen daar bij de rechter op aan. Zij willen transparantie over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.
In de zaak bij de Raad van State moet nu blijken of de staatssecretaris op basis van een Europese Verordening en de Wet open overheid verplicht kan worden om alle spuitgegevens van telers te verzamelen en openbaar te maken. Raad van State heeft aangegeven de zaak op korte termijn zal worden behandeld, waarschijnlijk nog dit jaar.
Redenatie uitstel
In de uitspraak van afgelopen vrijdag wijst Raad van State erop dat het openbaar maken van de spuitgegevens niet meer valt terug te draaien als achteraf in de bodemprocedure zou blijken dat de staatssecretaris er niet toe kon worden verplicht. Ook kan het snel tot nieuwe rechtszaken leiden, zoals van andere mensen die inzage willen in de gegevens, maar bijvoorbeeld ook van telers die hier op bezwaar gaan maken. Verder zegt RvS dat er geen sprake is van een zwaarder wegend belang door Meten = Weten en de bewoners naast een lelieperceel.
Kortom, de staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur hoeft dus geen uitvoering hoeft te geven aan de uitspraak van de rechtbank voordat de Afdeling bestuursrechtspraak van Raad van State op het hoger beroep heeft beslist.
