Biodiversiteitsstroken rond kassen lijken geen extra invlieg van schadelijke insecten te veroorzaken. Althans in vergelijking met standaard bermbeheer. Invlieg blijft lastig te meten, geeft Gerben Messelink, hoogleraar Entomologie bij WUR Glastuinbouw toe. Om exacter te kunnen oordelen, worden komend jaar metingen rondom luchtramen gedaan.
Het eerste monitoringsjaar van een proef met biodiversiteitsstroken bij 20 glastuinders is nu volledig geanalyseerd en statistisch verwerkt (zie kader).
Ten opzichte van de controlevelden werden meer bijen en hommels, zweefvliegen en dagvlinders waargenomen in de biodiversiteitsstroken. Een deel van de aangetroffen zweefvliegen vervult een dubbele functie: volwassen zweefvliegen dragen bij aan bestuiving, terwijl de larven bladluizen consumeren. Daarnaast werden in de biodiversiteitsstroken meer wantsen (Orius), lieveheersbeestjes en gaasvliegen waargenomen dan in de controlevelden.
