Er is nog Nederlandse productie van anemonen, maar zo weinig dat inkopers die bloemen vooral elders zoeken. De meeste anemonen komen momenteel uit Italië of Israël, waar het seizoen ten einde loopt.
Inkoper Jack Glasbergen van Floris Holland blikt terug op een matig seizoen voor anemonen. „Vooral omdat het in Israël slecht ging. Ik koop wel Italiaanse, vijftig in een blik. Ik koop het liefst Nederlandse, maar daar is het aanbod te klein voor.” Harald Pauly, inkoper bij FleuraMetz, vond het een moeizaam seizoen. „Uit Israël kwamen mondjesmaat anemonen. Nederlandse kwekers zijn er te weinig: we hebben niks aan een paar emmertjes.” De Italiaanse anemonen zijn volgens Pauly lang duur gebleven. „Ze leveren ze ook veel te rijp aan. Aan het sortiment mankeert het niet: ze hebben zoveel soorten.”
Voor teler René van Aalst was het weer in maart te mooi. „Dan gaan alle remmen los. Ik moest relatief veel wegwerken voor te weinig geld. Eind maart ging het iets beter, maar ik had liever wat meer meegenomen naar april.” Teler Bert Kerkvliet sneed dit jaar iets minder lengte dan andere jaren. „De kwaliteit is verder goed, het ligt aan de knollen.” Kerkvliet vertelt dat als gevolg van import de prijs kon zakken naar 17 cent. „Dat is te weinig. Gelukkig levert de napluk nog genoeg op.” Johan Kloos, noviteiten specialist van Hukra is positief gestemd. „We hebben een mooi seizoen gedraaid. We verkopen veel meer uit Italië dan uit Israël. Italiaanse anemonen zijn een stuk zwaarder en beter van kwaliteit, prijs is geen issue. Een mooi product kan zijn geld opbrengen en bijzonder blijven. Zeker op de dubbelbloemige noviteit Fullstar hebben onze klanten heel goed gereageerd. Ik hoop niet dat dit een massaproduct wordt, dan houdt hij zijn wow-effect.”
