Nederlandse matthiola is sinds week 19 weer volop op de markt, al blijft de concurrentie uit Italië stevig voelbaar. Handelaren spreken van goede kwaliteit en stabiele afzet. Telers zien de prijsvorming achterblijven bij de stijgende kosten.
Sinds week 19 koopt Jim van der Zwet (Hoven & De Mooij) weer Nederlandse matthiola op de klok. „Uit Italië zijn ze er ook nog, die zijn langer en dikker. Maar de Hollandse worden ook steeds beter.” Ook Marcel van der Meer van OZ-Hami is net over op de Nederlandse. „Een groot product voor ons, wij verhandelen tussen de 1,2 en 1,4 miljoen stelen per jaar.” Van der Meer vertelt dat de meeste bloemen naar Engeland, Zweden en Oost-Europese landen gaan. „Zeker de Italiaanse, die hebben volop lengte, een lange aar en een goede kop.” De prijs is volgens Van der Zwet zakkende in week 19. „Ik zag veel wit voor een kwartje, ik denk niet dat de kwekers daar tevreden mee zijn. De roze waren die week duurder, door Moederdag.”
Teler Anton Buitelaar van Mts. A.J. Buitelaar is tevreden. „Het loopt lekker. Door de koude nachten en de warmte overdag is er ook geen piek.” Ook de prijs piekt niet, meent Buitelaar. „Nee, de verwachte piek met Moederdag bleef uit. Men neigt meer naar het Italiaanse segment, maar de soorten die wij hebben, zijn gelukkig ook goed op lengte te krijgen.” Ton Stricker van kwekerij C.A.P. Stricker is iets gereserveerder over het seizoen. „De prijsvorming gaat niet helemaal mee met de kostenstijging. Bovendien is het een lastige teelt, ik zie valse meeldauw als een toenemend probleem, mede vanwege het slinkende middelenpakket.” De Italiaanse brengen soms drie keer zoveel op. Stricker denkt dat de markt voor die langere violieren verzadigd raakt. „Bij ons is steeds meer vraag naar mixemmers met lichtere violieren.”
