Wie nu nog denkt dat hij niets met waterkwaliteit te maken heeft en ook niet hoeft bij te dragen aan het verbeteren ervan, heeft het mis. Toch is het effect van uitgevoerde maatregelen nog niet zo makkelijk te meten, zegt Meri Loeffen. Het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer versterkt de samenwerking tussen boer en waterschap en probeert agrariërs inzicht te geven in de situatie.

Meri Loeffen
Programmamanager Deltaplan Agrarisch Waterbeheer
Meri Loeffen (52) is landelijk programmamanager van het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW). Ze is de verbindende schakel tussen agrariërs, overheden en landbouworganisaties en zorgt ervoor dat het DAW praktisch en effectief op het erf van de boer landt. Dagelijks is zij bezig met het afstemmen van beleid, het aansturen van teams en het organiseren van activiteiten, met het doel om het waterbeheer in samenwerking met de agrarische sector te verbeteren.
Loeffen begon haar carrière bij de Dienst Landelijk Gebied (DLG), de uitvoeringsdienst van het toenmalige Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). Nu is ze werkzaam bij de afdeling landinrichting van het Kadaster. Vanuit die functie werkt zij voor DAW. Voordat ze aan de slag ging bij het Kadaster heeft ze een aantal jaar leiding gegeven in het groene mbo-onderwijs.
De deadline van de Kaderrichtlijn Water (KRW) nadert, in 2027 moeten alle EU-lidstaten voldoen aan de KRW-doelen. De waterkwaliteit moet goed zijn. Vrees je voor het ergste?
„Ik denk dat iedereen inmiddels weet dat het halen van de KRW-doelen een héél moeilijke opgave wordt. Het is een hell of a job om een groen krulletje te halen en te voldoen aan alle criteria. Als je een heel groot doel stelt en pas tevreden bent als je dat doel hebt behaald, dan is het lastig om in deze situatie optimistisch te blijven. Zeker als je dan ook nog in de krant leest dat een middel dat al jaren verboden is, ineens weer in het water is gevonden. Dat helpt niemand.
Maar ik ben geen pessimist, omdat er nog steeds goede dingen gebeuren en omdat er ook nog steeds stappen te zetten zijn om de waterkwaliteit te verbeteren. Ik kijk heel positief naar alle goede voorbeelden: er zijn ontzettend veel bedrijven die heel bewust met het water op en rond hun percelen bezig zijn.
Ondernemers zijn per definitie mensen die altijd vooruit blijven kijken. Zij zijn in staat om de volgende stap te zetten en zich aan te passen aan de omstandigheden. Ondernemers zijn zich altijd bewust van hun omgeving en situatie. Dat bepaalt immers hun license to produce. Hoe men daarmee omgaat is een kunst. Ik vind dat er in de bloembollensector ontzettend veel samenwerking is op het gebied van innovatie en onderzoek. Die creativiteit heb je nodig om verder te komen.”
„En de wereld houdt niet op in 2027. We zijn wel al een hele tijd bezig om de waterkwaliteit te verbeteren. Het resultaat hangt af van een combinatie van factoren: welke instrumenten er worden ingezet gericht op stimuleren, reguleren of zelfs verbieden, wat andere landen doen en wat Nederland zelf doet. Ik vind dat we er zelf alles aan gedaan moeten hebben om zo tot een betere waterkwaliteit te komen.”
Wat doet DAW om dichter bij de KRW-doelen te komen?
„Vanuit DAW werken we continu aan bewustwording en kennisdeling. Het programma bestaat nu 10 jaar en in die tijd is er veel gebeurd. DAW heeft een sterke verbinding gemaakt tussen waterschappen en agrariërs in de regio. Ook provincies en de ministeries van I&W en LVVN zijn aangesloten. De samenwerking tussen de landbouw en de waterschappen is nodig om passende maatregelen te kunnen nemen en toe te werken naar een duurzame inrichting en beheer van het landelijk gebied. Agrariërs zijn namelijk de waterbeheerders op hun eigen percelen. Dat maakt hen ook medeverantwoordelijk voor de kwaliteit van het water op en rond hun eigen percelen. Met DAW willen we iedere boer, kweker of teler bereiken en zorgen dat de vertaling naar ’wat kan en ga ik zelf doen’ snel is gemaakt. Financieel ondersteund met regelingen van het Rijk en vanuit de regio.”
Maar is de agrarische sector nu echt dé grote watervervuiler van de Nederlandse wateren?
„Misschien heb je een buur die met chemische middelen de bladluizen in de voortuin te lijf gaat, of het stoepje schoonspuit met middelen tegen algengroei. Blijft er tijdens stromende regen bouwmateriaal liggen in de straat. Ook de vlooienband van je hond heeft invloed. Dat allemaal bij elkaar opgeteld is natuurlijk niet goed voor de waterkwaliteit. Op grotere schaal werkt dit hetzelfde voor sectoren: de agrarische sector is een schakel in een groter geheel en met een eigen aandeel. DAW focust op grondgebonden agrarische activiteiten. Dat is melkveehouderij, akkerbouw, fruitteelt en dus ook bloemen, bollen en plantenteelt. Nederland telt ca. 50.000 boeren, waarvan er ca. 5.000 siertelers zijn. Deze teelten hebben een directe link met waterkwaliteit en ook veel belang bij goede waterkwaliteit. We hebben het over een kleine 20 gewasbeschermingsmiddelen die normoverschrijdend in het water terecht komen. Dus ja, die middelen hebben negatieve invloed. Een deel van de bloembollenkwekers teelt op grond dichtbij waterwingebieden. Bijvoorbeeld in de duinen. Hier is de link met waterkwaliteit nog sneller gemaakt. Iedereen met grond heeft iets te doen.”
„Wie nu nog vindt dat hij niks aan waterkwaliteit hoeft te doen, bevindt zich in de achterhoede”
Waarom is waterkwaliteit zo’n lastig aan te pakken onderwerp?
„Er is een lijst met 85 effectieve maatregelen opgesteld door DAW en experts. Maar na het uitvoeren van deze maatregelen kun je niet concluderen dat de waterkwaliteit door maatregel X of Y beter is geworden. Dat is gewoon niet meetbaar. De waterkwaliteit is een samenspel van omstandigheden: het resultaat hangt samen met het weer, de bodem, wat er op het perceel wordt geteeld en hoe er met die teelt wordt omgegaan. De waterkwaliteit is dus niet met één maatregel positief te beïnvloeden omdat er nog zoveel meer factoren meespelen. Dat is zeker geen excuus. Niks doen is geen optie.”
„Om veel verandering teweeg te brengen, moeten we een paar systemen doorbreken. Hier hangen gewoontes en verdienmodellen aan vast. Het vraagt veel lef en doorzettingsvermorgen om de manier waarop we nu met water- en bodemkwaliteit omgaan, te doorbreken.”
„Toekomstbestendig zijn en blijven, dat is voor iedereen uit de keten het doel. Daarom moeten we zorgen dat onze omgeving schoon blijft en gewasbeschermingsmiddelen niet in de sloot belanden. Maar ook: dat teelten niet verboden worden en dat we de middelen die nodig zijn, mogen blijven gebruiken. Je wilt die maatschappelijke license to produce behouden. Hiervoor is samenspel met de hele keten belangrijk. Daarom betrekken we iedereen uit de keten bij dit gesprek, ook de adviseurs en toeleveranciers van gewasbeschermingsmiddelen.”
Hebben we goed zicht op de situatie én wat we moeten doen om de situatie te verbeteren?
„Er is een KRW-meetnet waarmee de waterkwaliteit op bepaalde plekken in Nederland en in de rest van Europa wordt gemeten. Dit zou ons inzicht moeten geven van de situatie in een bepaald gebied. Maar dat gebied is eigenlijk te groot om inzichtelijk te maken waar het fout gaat: het is een verzameling aan gegevens, met grove uitkomsten als gevolg. Het is niet te vergelijken met wat er op één perceel gebeurt. Het blijft zo nog te abstract. Nu weet je als agrariër nooit wat zo’n situatie betekent op jouw bedrijf. Overschrijd ik een norm? Wat is de oorzaak? Wat kan ik doen? Deze vragen kunnen pas beantwoord worden als we een fijnmaziger meetnet inzetten. Dit maakt het tastbaarder. We werken al samen met de KAVB en doen projecten met waterschappen zoals Hollands Noorderkwartier en Hollandse Delta, waarbij een emissiecoach kwekers helpt om onbewuste lekken op te sporen.”
„Ook de sector zelf neemt steeds vaker het voortouw. Denk aan projecten rondom weerbaar telen, Schoon Erf Schone Sloot en Duurzame Bollenteelt Drenthe. Bijna iedereen is zich inmiddels bewust van de urgentie om de waterkwaliteit te verbeteren. Wie nu nog vindt dat hij er niks aan hoeft te doen, bevindt zich in de achterhoede. Dan ben je simpelweg niet toekomstbestendig bezig.”
Hoe nu verder?
„We blijven de vertaling maken tussen beleidsmakers en boeren. Het is belangrijk dat je elkaar begrijpt. Eind september brengen we samen met NAJK en het ministerie van I&W een driedelige podcastserie uit met uitleg over KRW. Op de website van DAW, www.agrarischwaterbeheer.nl, leggen verschillende kwekers uit wat zij op en om het bedrijf doen om de kwaliteit van het water te verbeteren. Het laaghangende fruit is deels geplukt, maar er zijn ook nog wat vruchten blijven hangen. We komen nog steeds verrassingen tegen. Kleine lekken hebben grote gevolgen.”
