Vorige

Demoveld Bollenstreek: Onkruidvenijn in de staart

Beeld
Arie Dwarswaard

Ruim tachtig belangstellenden kwamen woensdag 20 mei kijken naar de ontwikkelingen op het Demoveld Bollenstreek. Hier staan hyacinten op ruggen en is er aandacht voor het stimuleren van de biodiversiteit en waterkwaliteit.

Hyacinten op ruggen telen. Niet eerder vertoond, maar op het Demoveld Bollenstreek is het te zien. Het is het idee van Henk Verdegaal, die dit als een mogelijk alternatief ziet voor de gangbare beddenteelt en op dit proefveld zijn idee in de praktijk kon brengen. Tot nu toe is Verdegaal redelijk tevreden over hoe deze teelt gaat, zo legt hij uit aan de omwonenden die massaal zijn toegestroomd om het Demoveld te bekijken. „Ruggenteelt heeft als groot voordeel dat we heel lang kunnen doorgaan met mechanische onkruidbestrijding. Tot nu toe lukt dat redelijk. Maar aan ruggenteelt zitten ook risico’s, zoals minder makkelijk vocht opnemen uit de bodem. Daarom werken we met druppelbevloeiing, waar we ook nog stikstof in meegeven. Daardoor geven we nu minder dan de helft van de hoeveelheid stikstof die we met de gangbare teelt geven, terwijl we in de grond dezelfde stikstofhoeveelheid meten.”

Minder nagels

Een van de omwonenden wil weten waarom de onkruidbestrijding zo nodig is. „Nu ziet het er nog schoon uit, maar het venijn zit hem in de staart”, aldus Verdegaal. „Onkruid groeit nu zo snel, dat het hyacintengewas overwoekerd raakt en de bol niet voldoende groot kan worden. Opbrengstderving dus. Die opbrengstderving blijkt pas volgende winter als de hyacint voor pot- of snijcultuur onvoldoende nagels heeft.”

Ziektedruk

Een ander pluspunt van ruggenteelt benoemt loonwerker Ruben de Groot. „Het gewas is opener, waardoor schimmels minder goed kunnen groeien op hyacinten. Dat is een voordeel. Nadeel is dat door de mechanische bestrijding een bacterie juist gemakkelijk verspreid kan worden. Er zijn dus voor- en nadelen aan deze teelt.”

Insecten tellen

Ook biodiversiteit staat centraal op het Demoveld. Anne Marie van Dam legt uit wat daaraan wordt gedaan. „Een van de doelen van het project is om natuurinclusief te telen. Het idee hierachter is dat hierdoor een robuuster ecosysteem ontstaat omdat er meer natuurlijke vijanden zijn. Dat levert minder ziekten en plagen op.”

Om die reden is er een haag geplant met vijf soorten, te weten els, liguster, meidoorn, sleedoorn en hazelaar. Studenten van HAS Den Bosch gaan na welke insecten er zoal in de haag zitten. Zo is al het Dikkaakje gevonden, een spinnensoort die gek is op bladluizen.

Ook is een bloemenrand ingezaaid, maar daar is nu nog weinig van te zien. Wel staat de Bijvoet al boven de grond. Van Dam: „Deze plant trekt luizen aan, die anders in de hyacinten zouden zitten. Op deze luizen komen weer lieveheersbeestjes af.” Van Dam ziet op het perceel ook veel Akkerdistel, en dat is lastig. Dit is een wortelonkruid, dat zonder maatregelen een heel veld kan overwoekeren. Van Dam: „In de praktijk blijkt dat een aantal keren maaien helpt om die ontwikkeling tegen te gaan.”

Gerelateerde content

Blijf op de hoogte
met wekelijkse updates!

Selecteer categorie(en):

Notitie

Registreren

Selecteer een de demo en krijg vijf dagen gratis toegang tot PlatformBloem.

Onbeperkt gebruik maken van PlatformBloem?
Bekijk de mogelijkheden.

Heeft u een abonnement op het Vakblad voor de Bloemisterij, Greenity of Floribusiness, maar geen account?
Neem contact met ons op.

Al een account?
Inloggen

Log hier in met uw account van het Vakblad voor de Bloemisterij, van Greenity of van Bloem&Blad.

Heeft u een abonnement op het Vakblad voor de Bloemisterij, Greenity of Floribusiness, maar geen account?
Neem contact met ons op.

Sluit venster
  • Feedback ontvangen wij graag!

Sluit venster