Zijn de bekende plaagsoorten net onder controle, dan duiken er weer nieuwe op waarvoor een aanpak moet worden gevonden. Welke plagen er aankomen is redelijk goed te voorspellen, vindt Gerben Messelink, van WUR Glastuinbouw. Dat geldt ook voor tripssoorten. „Maar het is lastig om financiering te vinden voor problemen die er nog niet zijn.”
De verspreiding van nieuwe plagen vindt vooral plaats via het plantmateriaal, stelt Gerben Messelink, hoogleraar Entomologie bij WUR Glastuinbouw. „Er is meer transport, in landen zoals India worden plagen resistent tegen pesticiden, en in Europa krimpt het middelenpakket. Kortom, het ziet ernaar uit dat de problemen in de toekomst niet kleiner worden.”
In Europa houden onder meer de nationale plantenziektenkundige diensten de ontwikkeling van plaagorganismen in de gaten. In Nederland is dat een taak voor de NVWA, die de import van plantaardige materialen controleert. Zodra een quarantaineorganisme wordt aangetroffen, wordt de partij vernietigd. Het probleem is dat niet elk plantje is te controleren. Het zijn steekproeven.
