De openstelling van de subsidieregeling voor centrale wasplaatsen voor landbouwmachines zoals veldspuiten van provincie Zuid-Holland is verlengd met twee maanden. De regeling sluit nu 10 augustus. De verlenging kwam er omdat er wél animo is, maar de aanvragers veelal meer tijd nodig hebben om minimaal vijftien telers te vinden die mee willen doen. Bovendien kost de investering in een centrale wasplaats soms tussen de 4 en 5 ton. De verlenging van de subsidieregeling lijkt wel vruchten af te gaan werpen. „De huidige signalen zijn positief. Er zijn meerdere initiatieven in voorbereiding, waardoor het erop lijkt dat het beschikbare budget goed zal worden benut.”
Volgens Robbert Boon van de provincie Zuid-Holland heeft de provincie in overleg met onder andere LTO Noord de openstelling twee maanden verlengd. Daarna haalt ze het net op. De sectorspecialist Akkerbouw van de provincie geeft aan dat er momenteel meerdere initiatieven in voorbereiding zijn. „Zoals vaker bij subsidieregelingen, verwachten we dat een groot deel van de aanvragen pas vlak voor de sluitingsdatum wordt ingediend. De verwachting is dat er vanuit bijna alle deelgebieden in Zuid-Holland wel een subsidieaanvraag komt.” Het meeste moeite hebben de hoofdaanvragers met het kunnen vinden van minimaal vijftien deelnemers. Ook lopen ze tegen de niet- subsidiabele kosten aan; ze moeten dus zelf een verdienmodel zien te maken.
Veel loon- en mechanisatiebedrijven betrokken
Het gaat om de Subsidieregeling Groen Zuid-Holland § 2.20 – Centrale Wasplaatsen. Zuid-Holland stelt hier € 2.483.000 subsidie beschikbaar voor centrale wasplaatsen voor landbouwmachines, zoals veldspuiten. Via een centrale wasplaats worden machines zoals veldspuiten op één centrale plek gereinigd, waarbij het spoelwater zorgvuldig wordt opgevangen en verwerkt. Zo komen deze stoffen niet in het oppervlaktewater terecht.
De provincie vergoedt maximaal 80% van de subsidiabele kosten, met een maximum van €280.000 voor de aanleg van de wasplaats en €20.000 voor advieskosten. Echter de wasplaatsen kosten soms wel tussen de 4 en 5 ton. Boon: „Opvallend is dat onder de initiatieven die momenteel worden uitgewerkt relatief veel loon- en mechanisatiebedrijven betrokken zijn. Met het uitwerken van de regeling hebben we er nadrukkelijk rekening mee gehouden dat de subsidie niet alleen voor land- en tuinbouwbedrijven is. Voor loon- en mechanisatiebedrijven is een centrale wasplaats een meerwaarde in hun extra dienstverlening, het is niet primair bedoeld er veel aan te verdienen.”
De hoofdaanvragers voor de subsidie tot nu toe denken aan verschillende constructies en gebruiksovereenkomsten, aldus Boon. Hij kan daar zelf niets over zeggen. Echter, op de website van Deltaplan Agrarisch Waterbeheer staan verschillende initiatiefnemers voor zo’n centrale wasplaats in vijf regio’s in Zuid-Holland. In de Duin- en Bollenstreek wil Erik Hogervorst (Hogervorst Creating Solutions) uit Noordwijkerhout een centrale wasplaats realiseren voor de Bollenstreek. Zijn exploitatieplan is dat deelnemende telers een gebruiksovereenkomst voor minimaal 5 jaar tekenen, jaarlijks €750 (excl. btw) betalen en ze daarvoor 3 reinigingsbeurten per jaar voor een veldspuit of een andere machine die in aanraking is geweest met gewasbeschermingsmiddelen krijgen of ze kiezen ervoor een bepaald tarief per wasbeurt te betalen. Erik Hogervorst laat daarover desgevraagd weten: „De subsidieaanvraag is de deur uit. De vijftien deelnemers zijn gevonden.”
Geld voor totaal 8 tot 10 centrale wasplaatsen
Na 10 augustus worden de aanvragen beoordeeld en daarna valt er een besluit over de toekenning van het geld. Daar zijn maximaal dertien weken voor ingeruimd. Afhankelijk van de omvang van de toegekende subsidies is er naar verwachting ruimte voor ongeveer acht tot tien centrale wasplaatsen.
Mocht de subsidieregeling overtekend worden, dan heeft Boon goede hoop op een tweede openstelling om meer aanvragen te kunnen honoreren. „Provinciale Staten heeft inmiddels een amendement aangenomen om extra geld uit te trekken. GS moet dat nog wel goedkeuren.”
